Ruimte, leefomgeving en vergunningen

Bedrijven moeten flinke, complexe stappen nemen op weg naar een duurzame, klimaatneutrale en circulaire economie. Dat geldt ook voor de aan te leggen infrastructuur.

Dit thema benadrukt het belang van het op orde hebben van essentiële randvoorwaarden om succesvol te kunnen verduurzamen, zoals voldoende beschikbare ruimte, tijdige, kwalitatief goede en voorspelbare vergunningverlening, en een gezonde en veilige leefomgeving.

Op de weg naar een duurzame, klimaatneutrale en circulaire industrie zijn bij zowel bedrijven als bij aan te leggen infrastructuur grote, complexe stappen nodig. De afbouw van een fossiel systeem en de opbouw van een duurzaam systeem vindt namelijk tegelijkertijd plaats. Maatregelen moeten daarbij op een zorgvuldige manier worden ingepast, zodat overlast en schade voor mens en milieu beperkt wordt tot dat 
wat toelaatbaar is.

Tijdige verlening van vergunningen

Vergunningen zijn nodig om de schaarse ruimte optimaal te benutten en te komen tot een integrale afweging van alle belangen. Er is een uitgebreid stelsel van vergunningverlening, met daarbij mogelijkheid tot inspraak voor belanghebbenden. De complexiteit van het vergunningenstelsel en onvoldoende beschikbaarheid van kennis en capaciteit leiden tot ongewenste vertraging. Deze vertraging kan in de voorbereidende fase, de formele procedurefase, de beroepsfase en de realisatiefase plaatsvinden en speelt bij zowel vergunningstrajecten van bedrijven (binnen de poort) als bij grootschalige infrastructuurprojecten (buiten de poort). Dergelijke vertraging kan weer leiden tot vertraging of uitstel van investeringsbeslissingen, waardoor verduurzaming niet wordt gerealiseerd.

Voldoende ruimte

De ruimtebehoefte in de haven- en industrieclusters neemt toe door het clusteren van vraag en aanbod, transitieopgaven, strategische autonomie en door groei van de industrie.

Deze druk op de beschikbare ruimte vraagt om een zorgvuldige afweging van ruimtelijke belangen in de Nota Ruimte. Naast fysieke ruimte, is het noodzakelijk om de bestaande ruimte voor milieu, geluid en externe veiligheid optimaal te benutten en te beschermen. Met het oog op gezondheid is het belangrijk dat er rekening wordt gehouden met noodzakelijke ruimte tussen met name wonen en werklocaties. Waar nodig zal dit gebeuren door gebruik te maken van contouren.

Relevante trajecten

NPVI-doelen

  • Tijdige verlening van vergunningen
  • Oplossen van stikstofproblematiek
  • Tijdig en voldoende ruimte
 

Code Mijlpaal Omschrijving Opleverdatum Eigenaar
RV05 Ontwerp Nationaal Milieuprogramma Het Nationaal Milieuprogramma (NMP) vormt een integrale aanpak van milieuvervuiling met als doel een gezonde, schone en veilige leefomgeving in 2050. Het bundelt bestaande Europese en nationale doelen, brengt samenhang in het milieubeleid en geeft richting aan aanvullende stappen die nodig zijn om de lange-termijndoelen te halen. Het programma bestaat uit een langetermijnvisie, opeenvolgende uitvoeringsprogramma’s met concrete maatregelen en een structurele samenwerking met betrokken partijen, zodat beleid waar nodig kan worden bijgestuurd. 2026 Q4 IenW
RV06 Uitvoeringsprogramma water en bodem Dit uitvoeringsprogramma richt zich op het keren van negatieve trends in water- en bodemsysteem, zoals bodemdaling, droogte, schade aan infrastructuur, druk op drinkwatervoorziening en verlies aan biodiversiteit. Samen met provincies, waterschappen, gemeenten, de deltacommissaris en andere stakeholders worden maatregelen uitgewerkt om water en bodem beter te beschermen en klimaatverandering het hoofd te bieden. Het programma loopt door tot eind 2029. 2029 Q4 IenW
RV15 Einde Actieprogramma Bedrijfsleven ihkv Kaderrichtlijn Water De chemische waterkwaliteit in Nederland voldoet nog niet overal aan de normen uit de Kaderrichtlijn Water (KRW). Binnen het Impulsprogramma KRW wordt, via een actieprogramma van VNO-NCW, gewerkt aan extra maatregelen voor chemische stoffen waar emissies van bedrijven een belangrijke rol spelen. Doel is de bijdrage van het bedrijfsleven aan normoverschrijdingen terug te dringen. De belangrijkste producten van het actieprogramma zijn:
  • sectorale plannen van aanpak (eind 2024);
  • uitvoering van deze plannen in 2024–2027, met jaarlijkse voortgangsrapportages;
  • een eindrapport met evaluatie van de resultaten (eind 2027).
2027 Q4 VNO-NCW i.s.m. IenW
RV19 Herijking bodemregelgeving Deze herijking heeft als doel een toekomstbestendig bodemstelsel waarin bodem en grondwater goed worden beschermd, in balans met het benutten van de ondergrond voor maatschappelijke opgaven en klimaatbestendige watersystemen. Normen en toepassingsregels in de bodemregelgeving worden geactualiseerd zodat ze beter aansluiten bij nieuwe inzichten en ontwikkelingen. De eerste wijzigingen in regelgeving worden begin 2026 verwacht. 2026 Q1 IenW
RV20 Start versnelde beroepsprocedure elektriciteitsprojecten Via een Algemene maatregel van bestuur wordt de beroepsprocedure voor bepaalde elektriciteitsprojecten versneld, onder meer door beroep in één instantie mogelijk te maken. Dit geldt voor projecten waarvan versnelde realisatie nodig is vanwege zwaarwegende maatschappelijke belangen. De inwerkingtreding hangt samen met de parlementaire behandeling van de Wet regie versterking volkshuisvesting en de betreffende AMvB. 2026 Q1 KGG
RV21 Start Verpakking Verordening De bestaande Europese richtlijn voor verpakkingen (PPWD) wordt vervangen door de Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR), een verordening met direct werkende regels voor alle lidstaten. In Nederland betekent dit een herziening van het huidige kader (zoals het Besluit beheer verpakkingen). Bedrijven moeten een gedetailleerde verpakkingsadministratie bijhouden om te kunnen aantonen dat zij aan de nieuwe eisen voldoen. De verordening zal naar verwachting ongeveer een jaar na publicatie (eind 2024 / begin 2025) gaan gelden, wat betekent dat een nauwkeurige registratie van verpakkingen waarschijnlijk vanaf eind 2025 nodig is. 2026 Q4 IenW
RV22 Oplevering PEH II Het Programma Energiehoofdstructuur (PEH) beschrijft welke grootschalige energie-infrastructuur richting 2050 nodig is en waar deze het beste kan worden ingepast. Het programma wordt iedere vier jaar herzien. Na de eerste versie in 2024 wordt in PEH II (gestart in 2025) gewerkt aan geactualiseerde aannames, verdere verdieping van analyses en verbreding van de scope, zodat beter kan worden ingespeeld op nieuwe ruimtelijke en systeemvragen. 2028 Q4 KGG
BI01 Verbod op inzet fossiele brandstoffen in verwarmingsprocessen zonder afvang Deze voorgenomen maatregel uit het klimaatpakket van voorjaar 2023 houdt in dat bij uitbreiding, nieuwbouw en vervanging van industriële productie-installaties geen gebruik meer mag worden gemaakt van fossiele brandstoffen in verwarmingsprocessen zonder CO₂-afvang. De maatregel moet lock-in van nieuwe fossiele installaties voorkomen en de omslag naar duurzame warmteopties versnellen. 2030 Q1 KGG
CI18 Realisatie expertisecentrum Safe & Sustainable by Design (SSbD) Oprichting van een internationaal expertisecentrum in Nederland voor “Safe & Sustainable by Design” (SSbD). Het centrum bundelt kennis over veilige chemicaliën, levenscyclusanalyses, duurzaamheid, teststrategieën, productontwerp en financiële instrumenten. Doel is om innovatie in de chemie te versnellen door SSbD-principes beter toepasbaar te maken. Deze mijlpaal sluit aan op het onderzoek onder CI19. 2027 Q4 IenW
CI19 Onderzoek naar relatie EU-regelgeving en SSbD Start van een onderzoek naar hoe SSbD zich verhoudt tot bestaande en aankomende Europese regelgeving, zoals REACH, de Ecodesign for Sustainable Products Regulation (ESPR) en de CSRD. De uitkomsten kunnen leiden tot voorstellen om SSbD expliciet te verankeren in Europese wet- en regelgeving. Het onderzoek loopt tot 2030 en is nauw verbonden met de ontwikkeling van het SSbD-expertisecentrum (CI18). 2030 Q4 IenW
RV23 RED III: definitieve aanwijzing van versnellingsgebieden In het kader van de Renewable Energy Directive III (RED III) worden in Nederland gebieden aangewezen waar procedures voor hernieuwbare-energieprojecten versneld kunnen verlopen. Uiterlijk in Q2 2025 wordt een vastgestelde kaart met potentiële gebieden aan de Europese Commissie aangeleverd. Bevoegde gezagen hebben tot 21 februari 2026 de tijd om definitieve versnellingsgebieden aan te wijzen, waarna de uiteindelijke lijst bij de EU wordt ingediend. 2026 Q1 KGG
RV24 Implementatie herziene Richtlijn Industriële Emissies De herziene Richtlijn Industriële Emissies (RIE) treedt op 1 juli 2026 in werking. De richtlijn verplicht bevoegde gezagen om vergunningen in principe aan de onderkant van de BBT-range (best beschikbare technieken) te vergunnen. Bedrijven die een minder strenge norm willen, moeten aantonen waarom zij niet aan deze ondergrens kunnen voldoen en dit onderbouwen richting het bevoegd gezag. 2026 Q3 IenW
RV25 Oplevering definitieve Nota Ruimte De Nota Ruimte legt de hoofdlijnen vast voor de verdere ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland, met een langetermijnvisie voor 2030, 2050 en 2100. In de ontwerp-nota (verwacht in 2025) is veel aandacht voor het nationaal belang van haven- en industrieclusters. Na consultatie wordt de definitieve Nota Ruimte vastgesteld en opgeleverd. 2026 Q3 KGG
RV26 Vervolgonderzoek schaarse ruimte in haven- en industrieclusters Aansluitend op de Nationale Prognose Ruimtebehoefte Industrieclusters wordt een vervolgonderzoek uitgevoerd naar handelingsperspectieven voor schaarse ruimte in de clusters. Er wordt gekeken naar mogelijkheden voor zowel inbreiding als uitbreiding, en naar passende ruimtelijke oplossingen. De resultaten worden begin 2026 verwacht en daarna met de Tweede Kamer gedeeld. 2026 Q3 KGG
RV27 Oplevering startnotitie contouren industrieclusters Om de ruimte voor industrieclusters beter te borgen wordt een startnotitie opgesteld waarin contouren worden vastgelegd, zowel fysiek als voor milieuaspecten. Cluster 6 valt buiten de scope van dit onderzoek. De contouren vormen één van de instrumenten die voortkomen uit de Nationale Prognose en het vervolgonderzoek naar ruimtebehoefte. 2026 Q3 KGG
RV28 Publicatie opvolging Actieagenda Industrie & Omwonenden De Actieagenda Industrie & Omwonenden werkt de aanbevelingen uit het OVV-onderzoek “Industrie en Omwonenden” uit in maatregelen voor een schonere en gezondere leefomgeving rondom industrie. Deze mijlpaal betreft de publicatie over de verdere inzet en follow-up van de actieagenda, inclusief aanvullende stappen die naar aanleiding van het OVV-onderzoek worden gezet. 2026 Q1 IenW

Afbeeldingen

Cookie-instellingen