| RV05 |
Ontwerp Nationaal Milieuprogramma |
Het Nationaal Milieuprogramma (NMP) vormt een integrale aanpak van milieuvervuiling met als doel een gezonde, schone en veilige leefomgeving in 2050.
Het bundelt bestaande Europese en nationale doelen, brengt samenhang in het milieubeleid en geeft richting aan aanvullende stappen die nodig zijn om de lange-termijndoelen te halen.
Het programma bestaat uit een langetermijnvisie, opeenvolgende uitvoeringsprogramma’s met concrete maatregelen en een structurele samenwerking met betrokken partijen, zodat beleid waar nodig kan worden bijgestuurd.
|
2026 Q4 |
IenW |
| RV06 |
Uitvoeringsprogramma water en bodem |
Dit uitvoeringsprogramma richt zich op het keren van negatieve trends in water- en bodemsysteem, zoals bodemdaling, droogte, schade aan infrastructuur, druk op drinkwatervoorziening en verlies aan biodiversiteit.
Samen met provincies, waterschappen, gemeenten, de deltacommissaris en andere stakeholders worden maatregelen uitgewerkt om water en bodem beter te beschermen en klimaatverandering het hoofd te bieden.
Het programma loopt door tot eind 2029.
|
2029 Q4 |
IenW |
| RV15 |
Einde Actieprogramma Bedrijfsleven ihkv Kaderrichtlijn Water |
De chemische waterkwaliteit in Nederland voldoet nog niet overal aan de normen uit de Kaderrichtlijn Water (KRW).
Binnen het Impulsprogramma KRW wordt, via een actieprogramma van VNO-NCW, gewerkt aan extra maatregelen voor chemische stoffen waar emissies van bedrijven een belangrijke rol spelen.
Doel is de bijdrage van het bedrijfsleven aan normoverschrijdingen terug te dringen. De belangrijkste producten van het actieprogramma zijn:
- sectorale plannen van aanpak (eind 2024);
- uitvoering van deze plannen in 2024–2027, met jaarlijkse voortgangsrapportages;
- een eindrapport met evaluatie van de resultaten (eind 2027).
|
2027 Q4 |
VNO-NCW i.s.m. IenW |
| RV19 |
Herijking bodemregelgeving |
Deze herijking heeft als doel een toekomstbestendig bodemstelsel waarin bodem en grondwater goed worden beschermd,
in balans met het benutten van de ondergrond voor maatschappelijke opgaven en klimaatbestendige watersystemen.
Normen en toepassingsregels in de bodemregelgeving worden geactualiseerd zodat ze beter aansluiten bij nieuwe inzichten en ontwikkelingen.
De eerste wijzigingen in regelgeving worden begin 2026 verwacht.
|
2026 Q1 |
IenW |
| RV20 |
Start versnelde beroepsprocedure elektriciteitsprojecten |
Via een Algemene maatregel van bestuur wordt de beroepsprocedure voor bepaalde elektriciteitsprojecten versneld, onder meer door beroep in één instantie mogelijk te maken.
Dit geldt voor projecten waarvan versnelde realisatie nodig is vanwege zwaarwegende maatschappelijke belangen.
De inwerkingtreding hangt samen met de parlementaire behandeling van de Wet regie versterking volkshuisvesting en de betreffende AMvB.
|
2026 Q1 |
KGG |
| RV21 |
Start Verpakking Verordening |
De bestaande Europese richtlijn voor verpakkingen (PPWD) wordt vervangen door de Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR), een verordening met direct werkende regels voor alle lidstaten.
In Nederland betekent dit een herziening van het huidige kader (zoals het Besluit beheer verpakkingen).
Bedrijven moeten een gedetailleerde verpakkingsadministratie bijhouden om te kunnen aantonen dat zij aan de nieuwe eisen voldoen.
De verordening zal naar verwachting ongeveer een jaar na publicatie (eind 2024 / begin 2025) gaan gelden, wat betekent dat een nauwkeurige registratie van verpakkingen waarschijnlijk vanaf eind 2025 nodig is.
|
2026 Q4 |
IenW |
| RV22 |
Oplevering PEH II |
Het Programma Energiehoofdstructuur (PEH) beschrijft welke grootschalige energie-infrastructuur richting 2050 nodig is en waar deze het beste kan worden ingepast.
Het programma wordt iedere vier jaar herzien. Na de eerste versie in 2024 wordt in PEH II (gestart in 2025) gewerkt aan geactualiseerde aannames, verdere verdieping van analyses en verbreding van de scope,
zodat beter kan worden ingespeeld op nieuwe ruimtelijke en systeemvragen.
|
2028 Q4 |
KGG |
| BI01 |
Verbod op inzet fossiele brandstoffen in verwarmingsprocessen zonder afvang |
Deze voorgenomen maatregel uit het klimaatpakket van voorjaar 2023 houdt in dat bij uitbreiding, nieuwbouw en vervanging van industriële productie-installaties
geen gebruik meer mag worden gemaakt van fossiele brandstoffen in verwarmingsprocessen zonder CO₂-afvang.
De maatregel moet lock-in van nieuwe fossiele installaties voorkomen en de omslag naar duurzame warmteopties versnellen.
|
2030 Q1 |
KGG |
| CI18 |
Realisatie expertisecentrum Safe & Sustainable by Design (SSbD) |
Oprichting van een internationaal expertisecentrum in Nederland voor “Safe & Sustainable by Design” (SSbD).
Het centrum bundelt kennis over veilige chemicaliën, levenscyclusanalyses, duurzaamheid, teststrategieën, productontwerp en financiële instrumenten.
Doel is om innovatie in de chemie te versnellen door SSbD-principes beter toepasbaar te maken. Deze mijlpaal sluit aan op het onderzoek onder CI19.
|
2027 Q4 |
IenW |
| CI19 |
Onderzoek naar relatie EU-regelgeving en SSbD |
Start van een onderzoek naar hoe SSbD zich verhoudt tot bestaande en aankomende Europese regelgeving, zoals REACH, de Ecodesign for Sustainable Products Regulation (ESPR) en de CSRD.
De uitkomsten kunnen leiden tot voorstellen om SSbD expliciet te verankeren in Europese wet- en regelgeving.
Het onderzoek loopt tot 2030 en is nauw verbonden met de ontwikkeling van het SSbD-expertisecentrum (CI18).
|
2030 Q4 |
IenW |
| RV23 |
RED III: definitieve aanwijzing van versnellingsgebieden |
In het kader van de Renewable Energy Directive III (RED III) worden in Nederland gebieden aangewezen waar procedures voor hernieuwbare-energieprojecten versneld kunnen verlopen.
Uiterlijk in Q2 2025 wordt een vastgestelde kaart met potentiële gebieden aan de Europese Commissie aangeleverd.
Bevoegde gezagen hebben tot 21 februari 2026 de tijd om definitieve versnellingsgebieden aan te wijzen, waarna de uiteindelijke lijst bij de EU wordt ingediend.
|
2026 Q1 |
KGG |
| RV24 |
Implementatie herziene Richtlijn Industriële Emissies |
De herziene Richtlijn Industriële Emissies (RIE) treedt op 1 juli 2026 in werking.
De richtlijn verplicht bevoegde gezagen om vergunningen in principe aan de onderkant van de BBT-range (best beschikbare technieken) te vergunnen.
Bedrijven die een minder strenge norm willen, moeten aantonen waarom zij niet aan deze ondergrens kunnen voldoen en dit onderbouwen richting het bevoegd gezag.
|
2026 Q3 |
IenW |
| RV25 |
Oplevering definitieve Nota Ruimte |
De Nota Ruimte legt de hoofdlijnen vast voor de verdere ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland, met een langetermijnvisie voor 2030, 2050 en 2100.
In de ontwerp-nota (verwacht in 2025) is veel aandacht voor het nationaal belang van haven- en industrieclusters.
Na consultatie wordt de definitieve Nota Ruimte vastgesteld en opgeleverd.
|
2026 Q3 |
KGG |
| RV26 |
Vervolgonderzoek schaarse ruimte in haven- en industrieclusters |
Aansluitend op de Nationale Prognose Ruimtebehoefte Industrieclusters wordt een vervolgonderzoek uitgevoerd naar handelingsperspectieven voor schaarse ruimte in de clusters.
Er wordt gekeken naar mogelijkheden voor zowel inbreiding als uitbreiding, en naar passende ruimtelijke oplossingen.
De resultaten worden begin 2026 verwacht en daarna met de Tweede Kamer gedeeld.
|
2026 Q3 |
KGG |
| RV27 |
Oplevering startnotitie contouren industrieclusters |
Om de ruimte voor industrieclusters beter te borgen wordt een startnotitie opgesteld waarin contouren worden vastgelegd, zowel fysiek als voor milieuaspecten.
Cluster 6 valt buiten de scope van dit onderzoek.
De contouren vormen één van de instrumenten die voortkomen uit de Nationale Prognose en het vervolgonderzoek naar ruimtebehoefte.
|
2026 Q3 |
KGG |
| RV28 |
Publicatie opvolging Actieagenda Industrie & Omwonenden |
De Actieagenda Industrie & Omwonenden werkt de aanbevelingen uit het OVV-onderzoek “Industrie en Omwonenden” uit in maatregelen voor een schonere en gezondere leefomgeving rondom industrie.
Deze mijlpaal betreft de publicatie over de verdere inzet en follow-up van de actieagenda, inclusief aanvullende stappen die naar aanleiding van het OVV-onderzoek worden gezet.
|
2026 Q1 |
IenW |