Aluminiumrecycler E-Max is al sinds 2012 gecertificeerd voor de ISO 50001 norm voor energiemanagement en profiteert daar met name van in de besluitvorming rondom energiebesparende projecten.
Door nieuwe regels in de Europese Energie-Efficiëntie Richtlijn (EED) moeten bedrijven zich gaan voorbereiden op een verplicht energiebeheersysteem. Vanaf 2027 geldt de ISO 50001-norm voor bedrijven die meer dan 85 terajoule (TJ) energie per jaar gebruiken. Dat is ongeveer hetzelfde als 23,6 miljoen kWh stroom of 1,35 miljoen m³ aardgas. Deze bedrijven moeten dan laten zien dat zij hun energiegebruik stap voor stap verbeteren en goed bijhouden.
Voor Carlos Kampen van aluminiumrecycler E-Max is deze richtlijn inmiddels gesneden koek. Het bedrijf beschikte al over de bekende ISO certificatie voor kwaliteit (ISO 9001) en milieu beheer (ISO 14001). Een uitbreiding naar 50001 was dan ook geen grote sprong. Inmiddels is het systeem al meer dan 14 jaar ingebed in de bedrijfsprocessen.
Circulair aluminium
Het Belgische bedrijf E-max is gespecialiseerd in de productie van circulaire aluminium profielen voor met name civiele woningbouw. Maar ook voor machine en auto-onderdelen. Energie is een belangrijke component van de waarde van het lichte metaal. Al gebruikt men bij circulair aluminium maar een fractie van de energie die nodig is om nieuw aluminium te produceren.
Projectmanager Carlos Kampen: “Eigenlijk moet je aluminium als een grote oplaadbare batterij zien. De energie die er ooit is ingestopt, vertegenwoordigt de grootste waarde van het materiaal. Maar die energie gaat daarna nauwelijks verloren. We gebruiken voor het smelten van het schroot nog maar zo’n 5 % energie in vergelijking met uit bauxiet gefabriceerd aluminium. En daarmee kunnen we het materiaal 100% recyclen. De grootste waarde zit dan ook ik het schroot zelf. Afgedankt aluminium kost zo’n euro per kilo, wat het aantrekkelijk maakt om te verhandelen. Aan aanvoer dan ook geen gebrek. Tegelijkertijd gaat aluminium ook lang mee, wat betekent dat we een profiel vaak pas na 40 jaar terugzien als schroot. Er blijft daarom altijd ook nieuw aluminium nodig.”
De fabriek in Kerkrade is de enige vestiging van E-Max waar schroot wordt gesmolten tot zogenaamde billets/perspalen van zogenaamde kneedlegeringen. Die billets verscheept het bedrijf vervolgens naar de vestigingen in België en Duitsland, waar de zusterbedrijven er nieuwe profielen van maken.
Nieuwe smeltovens zijn 30% energiezuiniger
In 2012 liet E-Max Kerkrade zich certificeren volgens de ISO 50001-norm. Een proces dat volgens Kampen niet persé veel extra administratieve last opleverde. “Maar dat komt ook omdat we al veel verbruiksdata verzamelden. We deden destijds nog mee met de meerjarenafspraken en onze branchevereniging was op zoek naar bedrijven die wilden experimenteren met de toen nog nieuwe norm. We dachten toen al aan uitbreiding van onze gietcapaciteit en dat meer inzicht in de energiestromen ons zou kunnen helpen bij de besluitvorming. Uiteindelijk duurde het tot 2020 voordat we ook daadwerkelijk €15 miljoen investeerden in 2 nieuwe smeltovens met flatbed-branders. Die zijn overigens 30 % energiezuiniger dan de oude, wat natuurlijk een mooie bijvangst is. Maar belangrijker was dat we van 3 naar 2 ovens gingen die ook nog eens meer capaciteit hadden. We gingen van een verwerkgingscapaciteit van 55.000 naar 85.000 ton per jaar. Zoals gezegd is de grondstof het duurste, dus we concentreren ons vooral op de verwerking van zoveel mogelijk verschillende, soms vervuilde, stromen. En zo weinig mogelijk verlies van aluminium.”
Kampen: "Maar belangrijker was dat we van 3 naar 2 ovens gingen die ook nog eens meer capaciteit hadden. We gingen van een verwerkgingscapaciteit van 55.000 naar 85.000 ton per jaar. "
Of energiemonitoring ook daadwerkelijk de energiekosten verlaagt, vindt Kampen moeilijk te kwantificeren. “De smeltovens werken in batches, maar zijn wel volcontinu in bedrijf. Je hebt daarbij met zoveel variabelen te maken dat het moeilijk is om best practices boven water te krijgen. Het scheelt bijvoorbeeld nogal of je een warme of koude doorstart hebt. We hebben wel wat winst gehaald in de nabehandeling, maar die cijfers hebben we sowieso paraat. Daar hebben we geen managementsysteem voor nodig.
Aanvulling op kwaliteits- en milieumanagementsystemen
Ik denk dat de grootste winst van certificering is dat je tot op boardniveau steun hebt voor energiebesparende investeringen. Naast natuurlijk dat de accrediterende instantie soms met nieuwe inzichten komt vanuit hun ervaring met andere bedrijven. En, ook niet onbelangrijk, als je toch een EED audit moet laten uitvoeren, trek je de benodigde data zo uit de kast.”
Kampen wil bedrijven die volgend jaar verplicht worden zich te laten certificeren een hart onder de riem steken. “De meeste bedrijven hebben al ISO 14001 voor milieu en 9001 voor kwaliteit, die veel overeenkomsten hebben met ISO 50001. Tegenwoordig is het redelijk eenvoudig voor certificerende instellingen om de overlappende data uit de andere certificeringen te filteren. Zodat ze alleen nog de ontbrekende data hoeven op te halen. Ik denk dat de meeste energie-intensieve bedrijven die data wel paraat zouden moeten hebben.”
Ook interessant
Start met circulair ondernemen