Doorbraken nodig om wachtrij voor stroomaansluitingen fors te verkorten 

De wachtrijen voor aansluiting op het elektriciteitsnet lopen verder op en raken steeds meer bedrijven en instellingen. In een gezamenlijk rapport presenteren overheid, netbeheerders en het bedrijfsleven 8 doorbraken om sneller ruimte te maken op het stroomnet. 

Industrieclusters

Cluster Chemelot
Cluster Noord-Nederland
Cluster Noordzeekanaalgebied
Cluster Rotterdam-Moerdijk
Cluster Zeeland/West-Brabant
Cluster 6
Cluster 7

Industrieroutes

Elektrificatie

Ruim 14.000 bedrijven en maatschappelijke organisaties wachten op dit moment op een nieuwe of zwaardere netaansluiting. Die schaarste remt economische groei, verduurzaming, woningbouw en innovatie. Ook komt de weerbaarheid en autonomie van Nederland onder druk te staan. Daarom hebben het Ministerie van Klimaat en Groene Groei, netbeheerders, toezichthouder Autoriteit Consument & Markt (ACM) en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven intensief samengewerkt aan oplossingen die op korte termijn effect moeten hebben. 

Slimmer gebruik van het bestaande stroomnet 

De kern van de aanpak is dat we het elektriciteitsnet slimmer en intensiever benutten. Door anders te kijken naar de balans tussen betrouwbaarheid, beschikbaarheid en betaalbaarheid maken we meer capaciteit vrij. Dat vraagt om maatschappelijke keuzes, omdat een zwaardere belasting van het net ook betekent dat er minder reservecapaciteit is. Om deze afweging zorgvuldig te maken, moet er een onafhankelijke adviesraad komen. Tegelijkertijd moeten we maatregelen nemen om risico’s te beperken, zoals afspraken over het tijdelijk terugschalen van verbruik bij piekbelasting. 

Realistischere prognoses geven ruimte 

Een tweede belangrijke doorbraak is het realistischer voorspellen van de groei van het elektriciteitsgebruik. Door regionaal nauwkeuriger te ramen wat daadwerkelijk nodig is, kunnen netbeheerders ruimte maken voor partijen die nu op de wachtrij staan. Dit voorkomt dat capaciteit onnodig vastligt op basis van te ruime verwachtingen. 

Flexibiliteit aantrekkelijker voor bedrijven 

Daarnaast speelt flexibiliteit een grote rol. Veel bedrijven kunnen hun elektriciteitsverbruik tijdelijk aanpassen, maar de huidige flexibele contracten zijn vaak niet aantrekkelijk genoeg. Netbeheerders werken daarom, samen met brancheorganisaties, aan betere voorwaarden en vergoedingen. Meer flexibele contracten betekenen dat het net efficiënter wordt gebruikt en dat nieuwe aansluitingen sneller mogelijk zijn. 

Om bedrijven te helpen bij hun afweging, gaan netbeheerders meer inzicht geven in wat flexibiliteit op een specifieke locatie betekent. Zij werken met meerjaarlijkse en jaarlijkse flexverwachtingen, gebaseerd op een typisch weerjaar. Ze vullen dit aan met maandelijkse updates op basis van actuele informatie. Zo weten bedrijven beter wanneer en hoe vaak zij hun verbruik mogelijk moeten aanpassen. 

Minister Sophie Hermans: “Ondernemers die wachten op een nieuwe of zwaardere aansluiting kunnen niet wachten tot het stroomnet is uitgebreid. De overheid en het bedrijfsleven slaan daarom de handen ineen om hen op korte termijn perspectief te bieden. Met deze afspraken zorgen we dat zoveel mogelijk bedrijven en organisaties op de wachtlijst sneller kunnen worden aangesloten.”

Regionale tenders en gerichte afspraken 

Ook wordt flexibiliteit efficiënter georganiseerd via regionale tenders. In plaats van individuele afspraken zetten netbeheerders hun concrete flexibiliteitsbehoefte in de markt. Bedrijven die op afroep meer stroom kunnen produceren of minder kunnen gebruiken, krijgen daarvoor een vergoeding. In 2026 starten minimaal 4 van deze tenders, waaronder één landelijke en 3 regionale. 

Voor grootverbruikers met veel potentieel om het net te ontlasten, komt een gerichte aanpak. Met een beperkte groep bedrijven die veel potentieel hebben om in congestiegebieden verlichting te bieden, worden specifieke afspraken gemaakt. Deze sluiten aan bij hun processen en risico’s. Daarnaast bekijkt de overheid de mogelijkheid om bestaande subsidies uit te breiden, zodat ook grotere industriële partijen ondersteuning krijgen bij het realiseren van flexibiliteit. 

Flexibel omgaan met het net wordt de norm 

Flexibel omgaan met het elektriciteitsnet is steeds normaler. Ook in het toekomstige energiesysteem blijft netcapaciteit schaars. Voor sommige processen is flexibiliteit lastig, maar batterijen, laadpleinen en laadpalen kunnen we vaak wel flexibel of zelfs netondersteunend aansluiten. Als dit de standaard wordt, maken we veel capaciteit vrij voor nieuwe aansluitingen. 

Van plannen naar praktijk 

Tot slot krijgen netbeheerders meer financiële ruimte om flexibiliteit te benutten en bedrijven te compenseren. Het doel is om in de komende 2 jaar voor minimaal € 500 miljoen aan extra contracten voor congestiemanagement af te sluiten. Daarmee ontstaat op korte termijn ruimte voor bedrijven die nu wachten. 

De gezamenlijke aanpak laat zien dat overheid, netbeheerders, toezichthouder en bedrijfsleven de urgentie erkennen. Tegelijkertijd is dit pas het begin. De acht doorbraken moeten nu van papier naar praktijk. Binnen het Landelijk Actieprogramma Netcongestie wordt de voortgang gevolgd. De potentiële opbrengst is groot: 5-10 GW aan vrijgemaakte netcapaciteit in 2030 en 10-20 GW in 2035. Richting 2030 kan een aanzienlijk deel van de wachtrij worden weggewerkt en krijgen bedrijven weer perspectief op aansluiting, verduurzaming en groei. 

De 8 doorbraken in het kort 

  1. Stroomnet zwaarder benutten 
  2. Realistischere groeiprognoses 
  3. Aantrekkelijkere flexcontracten 
  4. Meer inzicht in flexverwachtingen 
  5. Regionale flexibiliteitstenders 
  6. Top-50-afspraken met grootverbruikers 
  7. Flexibel aansluiten als nieuwe norm 
  8. Meer financiële ruimte voor flexibiliteit 

Verder lezen 

Afbeeldingen

Registreren

Cookie-instellingen